In economie wordt de natuur beschreven als een bron van grondstoffen, een productiefactor. We houden bij grondstofwinning slechts rekening met financiële regels: wegen de kosten op tegen de inkomsten van de productie? Naast het gegeven van grondstofuitputting, is ook een morele vraag: met welk recht, en door wie gegeven, kunnen wij natuurlijke hulpbronnen toe-eigenen?
In een klassenopdracht verplaatsen leerlingen zich in verschillende stakeholders en hun rechten, dit keer ook ‘de natuur’, en gaan met elkaar in debat. Dit helpt hen kritisch na te denken over begrippen als eigendom, opofferingskosten, schaarste, externe effecten en intergenerationele ruil.


